laatste update 22.08.2010
Alliance Française des Pays-Bas
NieuwsbriefZendzend

recensies conférences 2007-2008

Vrijdag 27 maart 2008
M. Georges Grand: de Champs Elysees

De Elyseese velden spraken altijd tot de verbeelding, de naam uit de Griekse mythologie duidde de verblijfplaats van de gelukzaligen aan.
Maria de Medici vond de oorspronkelijke velden en marktpleinen niet passen bij de omgeving van de Tuileriën en besloot al in 1616 dat er een fraaie avenue moest komen begrensd door bomen. Een vrouw met visie, die een stad als Parijs waard was.
Pas in 1828 werd Parijs eigenaar van de Champs Elysées en werden er voetpaden, fonteinen en gaslantaarns aangelegd. Het Comité des Champs Elysées waakt tegen de banalisering van deze prachtige avenue en dat is ook nodig. Alle grote internationale namen willen er graag een vestiging. Jaarlijks uitgebreid in beeld op 14 juli en tijdens de slotetappe van de Tour de France, is het toch een plek voor zowel de chique als het volk geworden.
M. Grand, Parijzenaar, nam ons, uitgebreid geïllustreerd, deze laatste conférence van het seizoen mee via de historie naar de actuele situatie van de Champs Elysées.


Woensdag 20 februari Katja Cohen:  Franse poëzie
 
Apollinaire_par_Henri_Frick“De Franse taal klinkt als muziek” hoor je vaak opmerken als er, vooral in de voordrachtskunst, heel mooi Frans te beluisteren valt. Woensdagavond 20 februari, aanvang 20.00 uur, in Ogterop Meppel was dat het geval. Katja Cohen brengt vier Franse dichters voor het voetlicht. Zij is als docente Frans verbonden aan de hogeschool voor de kunsten ArtEZ en aan het Instituut voor Tolken en Vertalen te Utrecht. Tevens is zij jarenlang werkzaam geweest aan de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden.
 
Charles d’Orléans (1394-1465), Verlaine (1844-1896), Rimbaud (1854) en Apollinaire (1880-1918, zie afb.) zullen centraal staan tijdens een conférence van de Alliance Française Meppel. Ook wordt de periode besproken waarin ze leefden. Dit alles, muzikaal omlijst door de gitarist Johan Sterken, belooft een heel bijzondere avond te worden. Na de pauze werden de aanwezigen van harte uitgenodigd te participeren aan een gesprek over enkele gedichten van Verlaine en Apollinaire. Een buitengewone gelegenheid om een avond mooi Franse te horen.

woensdag 16 januari 2008
Michel Budry: Paris par un parisien

“Voor mij begint een bezoek aan Parijs met een bezoek aan de oude wijk waar ik geboren ben”, aldus Michel Budry. De enthousiaste ex-Parijzenaar is woonachtig in Hoorn waar hij de plaatselijke Alliance Française leidt. Hij heeft nog steeds stevige banden met zijn geboorteplek bij Montmartre, waar ze hem na 40 jaar nog herkennen als het jongetje met de krullenbol. Voor een aandachtig en talrijk publiek van de Alliance Française Meppel vertelde en illustreerde hij met heel veel dia’s over de vele facetten van de Franse hoofdstad. Zo was daar de oude nostalgische wijk Bercy, waar de wijnhandelaren in oude maar schilderachtige gebouwen tussen lanen met veel bomen hun zaken deden. Helaas is dat verleden tijd. Michel Budry legde alles wel mooi vast op dromerige dia’s. De oudste brug, le Pont Neuf, verbindt nog steeds de twee oevers van de Seine, waarvan zowel de Rive gauche als de Rive droite goed in beeld kwamen. Het fraaie Gare de Lyon, met daarin het “Art Nouveau” restaurant Le Train Bleu, zijn heel bepalend voor een stukje Parijs uit de Belle Epoque.
De nieuwe parken, het Parc Citroën met zijn vele sculpturen en in La Défense de gigantische moderne triomfboog, waarin 3 ministeries zetelen en een enorm aantal mensen werken, imponeren in de modernere wijken.
Even griezelen was het bij de beelden van de onderaardse verzameling van botten en schedels, die kunstzinnig gestapeld, dat wel, het resultaat zijn van de verhuizing van het “Cimetière des Innocentes” in 1786.
De twee operagebouwen, Opéra Garnier en Opéra Bastille, vormden een duidelijk contrast. Opéra Garnier, meer bedoeld om fraai gekleed uit te gaan, elkaar, het gebouw en de opera van die avond te bewonderen, Opéra Bastille, op het Place de la Bastille is veel functioneler en zakelijker van stijl en sfeer en richt zich op een groter publiek.
Parijs met zijn handige metrostations met gelukkig nog steeds veel mooie ingangen van Hector Guimard en zijn 365 haltes waardoor de bereikbaarheid van alle interessante zaken optimaal is. Aan het eind van de zeer geslaagde lezing begon het weer te kriebelen. Het wordt weer tijd om eens de koffer te pakken en misschien dit keer met de TGV naar Parijs te gaan.

maandag 10 december 2007
Sylvie Claret de Fleurieu: Matisse en Picasso 
 
De Franse schilder Matisse vond lijsten rond zijn schilderijen volledig overbodig. Het kunstwerk gaat door, ook buiten die veelal zeer fraaie lijst, zo vertelde maandagavond Sylvie Claret de Fleurieu. Haar conférence over Matisse en Picasso boeide van het begin tot het einde. Met enorm veel enthousiasme beantwoordde ze ook na afloop nog vele vragen. “De kleur maakt de vorm” zei Matisse, maar volgens Picasso was dat de lijn. Zo werden kunsthistorische inzichten aan de hand van fraaie beelden van dansers, mannen- en vrouwenportretten toegelicht. Matisse was persoonlijker, het model bleef herkenbaar bij zowel het portret van Auguste Pélerin, Madame Matisse als bij zijn zelfportret. Picasso gaf zijn werk vaak een meer algemene titel, “man met gitaar”, “de kaartspeler”. Een metafoor voor personen stond hem voor ogen. Matisse wilde emotie weergeven en zei: “Ik duik in mijn schilderijen, wat gebeurt er achter me, naast me, voor me?”
Ook zijn papier coupé werken zijn krachtig en overtuigend, gemaakt op latere leeftijd toen het schilderen niet meer goed ging. Picasso’s beroemde “Desmoiselles van Avignon”, geschilderd in 1907, werd uiteindelijk pas 30 jaar later geaccepteerd. Toch gaf dat jaar 1907 een wending aan de schilderkunst. Gertrude Stein, groot Amerikaans kunstverzamelaarster, liet haar portret maken. Ook dit viel aanvankelijk tegen, maar de nieuwe richting werd wel aangegeven en uiteindelijk gewaardeerd. Picasso en Matisse leefden in een tijd van kunstbeschermers die vernieuwing ook buiten de schilderkunst mogelijk maakten. Wij denken dan aan les Ballets Russes, waarbij zowel Matisse als Picasso decors en costuums ontwierpen voor het beroemde ballet van Diagilev. Een eeuw geleden zorgden les Desmoiselles van Avignon voor veel opwinding in de kunstwereld, zoals Sylvie Claret de Fleurieu opmerkte. Dat is terecht: kunst moet blijven prikkelen en activeren. Zij verzorgde zo met veel elan een heel plezierige avond bij de Alliance Française Meppel.

maandag 10 november 2007
Gastronomie door de eeuwen heen door Mme Felicienne Ricciardi
Met veel verve leidde Mme Ricciardi het talrijke publiek, bij de afgelopen avond van de Alliance Française Meppel, door de geschiedenis van de gastronomie. In de tijd dat Romeinen nog de dienst uitmaakten, was het hun kookstijl en voedingspatroon dat de toon aangaf in de gebieden waar ze waren neergestreken. Via fraaie fresco’s (o.a. van Pompeï) was goed terug te zien dat brood, groenten en wijn bepalend waren voor de maaltijd in die periode. Ook het maken van pasta, met bijbehorend droogrek, was duidelijk uitgebeeld op een muurschildering. Weinig vlees, gevogelte en vis en dan wijn, die altijd werd aangelengd met water (soms zelfs met zeewater) en waar soms ook honing aan werd toegevoegd. Dat één van de oudste kookboeken, van Apicius, uiteindelijk in 1709 in Amsterdam gedrukt werd stemde tevreden en compenseerde een beetje het beeld dat men van de Hollandse keuken heeft.
De kerk had ook zijn invloed op de eetgewoontes: er waren in het kerkelijk jaar 150 dagen waarop geen vlees gegeten mocht worden, dat prikkelde natuurlijk de fantasie voor het bedenken van allerlei visgerechten. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, at men in de Middeleeuwen vaak erg licht, weer heel veel groentes, de artisjok kwam via de Arabieren in onze streek en ook de aubergine uit India, vond zijn weg naar Europa. Kruiden werden later heel belangrijk, waaronder saffraan, het was bon ton bepaalde gerechten een goudgele kleur te geven. Op tafel stond voor de disgenoten één gemeenschappelijk bord. Later kreeg iedereen een eigen bord en pas in de 17e eeuw kwam de vork ter tafel. Heel lang was het gebruik alle gerechten tegelijk op tafel te zetten. Pas in de 19e eeuw werden, naar voorbeeld uit Rusland, de verschillende gangen na elkaar geserveerd.
De lezing van Mme Ricciardi werd geïllustreerd door mooie beelden van prachtig serviesgoed, fraai gedekte tafels en oude schilderijen, waarop duidelijk te zien was dat er toen eigenlijk nog geen echte eetkamer bestond. Alles werd per keer in de meest gunstige hoek opgesteld.
Het was een avond genieten van de geschiedenis van de gastronomie die, ook door het steeds gemakkelijker reizen, aldoor aan verandering onderhevig blijft.

woensdag 10 oktober 2007
Michel Khalifa en het Franse lied voor de salon
 
huidige fotoTussen 1830 en 1930 beleefde Frankrijk de Gouden Eeuw van de liedkunst. In navolging van Schubert, die in Duitsland gedichten van Goethe op muziek zette, groeide in Frankrijk de belangstelling voor de liedkunst. Michel Khalifa wist tijdens een zeer geslaagde avond voor de Alliance Française Meppel, over dit muzikale onderwerp zijn publiek van het begin tot het einde toe te boeien. Berlioz was één van de eerste Franse componisten die met teksten van Théophile Gautier (o.a. het zeer romantische “le spectre de la rose”) aan het componeren sloeg. Het was de tijd van Proust en de mondaine salons, waar deze liedkunst in intieme sfeer geweldig opbloeide. In beroemde salons, zoals die van de prinses van Polignac, ging men er prat op steeds met het nieuwste en meest interessante voor de dag te komen. Gedichten van Charles Beaudelaire en Victor Hugo werden van melodie voorzien door Henri du Parc en Reynaldo Hahn. Maar ook het proza van Jules Renard, in “Histoires naturelles” inspireerde de componist Maurice Ravel, die de trotse en ijdele pauw muzikaal tot leven bracht. Twee Nederlandse vrouwelijke componisten droegen ook hun steentje bij aan de Franse liedkunst. Rosy Wertheim en Henriëtte Bosman trokken beiden naar Parijs, waar zij werkten en poëtische teksten van muziek voorzagen. De Engelsman Benjamin Britten schaarde zich ook onder de Franse lied-bewonderaars. Hij maakte de muziek bij de gedichtencyclus “les Illuminations” van Rimbaud. Op deze manier kreeg deze fraaie Franse muziekavond toch ook nog een beetje een Europees tintje.